woensdag 30 mei 2012

Hekel


Avondvierdaagse

Ik had een hekel aan de avondvierdaagse.
Dat krijg je vanzelf als je een keer met je SO (Speciaal Onderwijs) school mee gaat doen.
We raakten kinderen kwijt,
ze kwamen niet opdagen
en onderweg moesten we de kinderen
uit bomen, heggen, vijvers en tuinen plukken.
Één keer en nooit meer!
En de overenthousiaste, organiserende vader,
legde zich er ook na deze ervaring bij neer.
(Ik weet nog hoe hij  heet,
een Rolling Stones fan, een naturist,
met een boot met de naam dr John the Nighttripper.
Een kleurrijk figuur....maar een ander verhaal.)

Het werd op de gewone basisschool niet anders.
En dat viel tegen.
Weer Samen Naar School had zijn intrede gedaan.
Ik wil graag geloven dat dat de reden was!
Mijn SO collega's zaten me te jennen toen ik solliciteerde.
'Dat wordt verplicht de avondvierdaagse lopen!’
Ik heb nog geprobeerd er onderuit te komen.
Maar dat is dus niet gelukt.
Vreemde ogen dwongen.
Ik moest me nog waar maken.
Dus braaf maar met grote ergernis,
haalde ik nog steeds kinderen bij plekken vandaan
waar ze niet mochten komen,
rukte ik ze de dennenappels uit handen
waarmee ze anderen belaagden,
en probeerde ik te voorkomen
dat ze de uitgedeelde appels ondankbaar in de Eem gooiden.
Tegen het geschreeuw onder viaducten
was geen kruid gewassen.
Toen de verloskundige er niet door mocht,
op de laatste avond op 4 juni 1999,
(ik zal het niet kúnnen vergeten)
en mijn zoon zijn geboorte aankondigde,
werd de hekel aan deze jaarlijkse, plaatselijke 'tocht der tochten'
tot ongekende hoogte, groter.
Want nu lag het niet alleen aan die misdragende kindertjes
maar kwamen de vrijwilligers in hun fluoriserende hesjes
er ook nog eens bij,
zich eens per jaar machtig voelende
het verkeer te mogen regelen,
en geen benul hebbende van de betekenis van een esculaap op de voorruit.
De blijde geboorte om tien voor half acht,
heeft geen zalvende werking gehad.

Plots kwam er tóch de kentering.
Ons oudste kind ging meedoen.
En hij wilde graag!
Lopen, snoep en een medaille!
En zo nu en dan over die vettige potjes zingen
tot het honderdste couplet.
En zijn gezichtje,
het straalde,
en daar is geen moederhart tegen bestand.
Zelfs het vaderhart niet.
De avondvierdaagse werd een belevenis!
En dat nam toe, toen ook de jongste,
met het grootste enthousiasme,
vier avonden lang, kilometers aflegde,
voor de LOL!!
En wij ouders liepen mee en vonden het gewéldig.
We zagen geen bomen,
geen water, geen tuin, noch kinderen,
slechts ons middelpunt,
onze zoon.

En nu?
Nu loopt er geen kind van ons meer mee.
Ze gaan niet eens kijken.
Het boeit niet.
De jeu is er af!
Ik kwam er dit jaar,
dus eigenlijk genadig van af.
Door mijn ziekte.
Zo leek het.
In eerste instantie.
Ik zwaaide en ik deelde ijs uit.
Iedereen was enthousiast me te zien.
Kinderen, ouders, collega's.
Ik werd weer blij.
Voelde de rijkdom weer.
En het deed me even de reden vergeten,
waarom  ik slechts aan de kant stond.
Ik zag zelfs het eindstation, na mijn nog af te leggen kilometers, in de verte.
Daar is mijn treinreis voorbij.
Dus al moet ik duizend coupletten over die potjes zingen,
krijg  ik snoep i.p.v. het nostalgisch bosje duizendschoon,
het kan me niet schelen,
volgend jaar loop ik weer MEE!


Foto: Nijkerk, Avondvierdaagse 1970, 
geen snoep maar bloemen, 
geen duizendschoon maar rode en witte anjers, 
en mijn mond staat vast open door "pòòòòòòtje"!


vrijdag 18 mei 2012

Betekenis


Het is 6 jaar geleden.
Op 26 december overleed de meest gestoorde jonge kater van Baarn.

Thierry wilde zo graag een poesje voor zijn verjaardag.
Hij kreeg een baby kater via een advertentie op het bord in de, toen nog bestaande, Komart.
Hij was meegenomen uit Malaga door de zoon van een ouder echtpaar.
Verlaten, en als enig zogende, overgeblevene uit een verlaten nest,
kón de zoon niet anders dan dit om melk en moeder klagende beestje mee naar Nederland te nemen.
Een man met het hart op de goede plek dus.
Het beestje werd onderweg gevoerd met een flesje.
Het oudere echtpaar was wíld van dit zwart witte schatje,
maar omdat ze hem wellicht niet zouden overleven,
hebben ze met pijn in het hart de advertentie moeten zetten.
En zó maakten we kennis met Paul en Ciska B.
Op een van de mooiste plekjes in Baarn.
Een woonboot met een mega tuin met uitzicht op de Eem en de Utrechtse Heuvelrug,
geen huis ertussen.
De vogeltjes zingen daar hun hoogste lied en sommigen zijn zo gewend,
dat ze zich, heel voorzichtig, uit de hand laten voeren.
Speciaal vogelvoer........
It’s in the family.
Ik was er vanmiddag, met open mond, getuige van.
Diego had deze tamme zangers zeker opgevreten als hij er was blijven wonen.
Maar dan had hij misschien wél nog geleefd.
Diego kreeg zijn naam n.a.v. zijn zwarte masker.
De naam Zorro was al aan een kater van een vriendje gegeven.
Toen hebben we Diego maar de échte naam van deze legendarische held gegeven,
voluit is dit : Don Diego de la Vega.
En als ik die naam noem, zie ik gelijk mijn idool voor ogen,
Antonio Banderas, mijn filmheld, een dróom van een man!
Diego kwam in ons huis met een roze, kaal buikje.
Hij sprong en zette zijn scherpe nageltjes in alles wat bewoog.
Onze tenen, kuiten, handen, enzovoorts.
Je kon de trap niet opgaan zonder de figuurlijke kleerscheuren op te doen.
En we lachten.....
Toen het flesje moest plaatsmaken voor hardvoer, kon Diego niet meer van het zogen afkomen.
Wij waren zijn moeder geworden en onze vingers waren haar tepels.
Zodra je hem aaide, pakte hij je vinger en zoog erop, zonder je te bijten.
Maar hoe aandoenlijk ook, het was vervelend.
Hij drong zich aan je op, je wist behalve dat het geen melk opleverde,
zijn opvoeding een onnatuurlijke dauw had gekregen.

In hoeverre mag je ingrijpen in de natuur?
Ik kom daar niet uit.
Ik laat ook ingrijpen door operaties, chemo en andere therapieën om te blijven leven....
Lees mijn zwanenverhaal er nog eens op na....
Ik zie moeder zwaan  nu regelmatig bij haar lege nest.
En de inmiddels vijf overgebleven eieren worden waarschijnlijk met succes uitgebroed.
De mens heeft ingegrepen met de wens dat ze het overleven......
De keus maken of de kans krijgen.
Maar ik dwaal af.

Diego ging na vier maanden nieuwsgierig naar buiten.
Een maand later, op 2e Kerstdag, 
werd hij door de buurjongens levenloos op de stoep voor ons huis aangetroffen.
Ons verdriet was groot!
En ik schreef een brief aan het oudere echtpaar op hun woonboot aan de Eem.
Dezelfde dag nog, met een snik de envelop in zo'n groene brievenbus met klep stoppende.
Ik hoopte dat het mijn verdriet zou stelpen, 
en dat ik mijn verdrietige kinderen daarna beter zou kunnen troosten.
Ik kreeg bijna onmiddellijk een telefoontje.
Natuurlijk om Diego, de springende, zuigende, gekke kater uit Spanje.
Het katje dat ze hadden afgestaan.
Maar zo'n brief hadden ze nog nooit ervaren.
Paul noemde het 'ongelooflijk'.
Onbedoeld heb ik hun hart verwarmd door een brief over het korte leven van een lieve, gekke kat.
En ze zochten ons op, toen we Charlie in huis namen.
Hij is een totaal andere kat en net zoals Diego, uniek.
Zoals elk kind, elk mens, uniek is.
Ik zwaaide daarna naar Paul en Ciska tijdens mijn dappere hardlooprondes.
Ik sprak met ze als ik ze tegenkwam op het schelpenpad.
Nu loop ik bijna dagelijks langs hun mooie plek.
Door mijn wandelingen versnel ik het herstel namelijk na mijn nabehandelingen.
Maar het is er steeds zo stil.
De tuin lééft maar ik zie bij mooi weer niemand in de serre.....
Zouden ze nog leven? Ik zag maar geen teken.
Tot vanmiddag.
Ik zag Paul het poortje uit schuifelen.
Ik versnelde mijn pas en sprak hem aan, of hij me nog (her-)kende?
Hoe het met ze gaat.....?
"Belazerd", antwoordde hij.
Cis is overleden, binnen 10 dagen, hij kan het nóg niet begrijpen...
Op 26 december.......
Ze zijn 62 jaar samen gelukkig geweest.
Hij zag mijn doekjes en ik vertelde hem over mijn ziekte.
En dat ik voorlopig alle tijd heb om 'stilte' te doorbreken.
Ik noem het in mijn mailtjes 'afleiding'.
De ogen van Paul begonnen te glinsteren.
Of ik van scrabbelen houd?
Dagelijks speel ik tientallen beurten Wordfeud via internet met vrienden, collega's en ouders.
Mijn antwoord was dus een enthousiast, volmondig ‘ja’!
Ik moet er wel rekening mee houden dat hij er eigenwijze spelregels op na houdt.
De q is weg en als je zeven letters kunt neerleggen
dan mag je dat zonder de 40 punten op een strategische plek leggen.
Ik ga akkoord en ga dus binnenkort naast de virtuele,
échte stenen schuiven op een kartonnen bord.
Na deze afspraak nodigde Paul me uit een wijntje te komen drinken.
Ook al zat hij aan zijn tax van anderhalve glas.
En hij voorzag me van een lekker glas rode wijn en van mooie,
zelfs intieme verhalen over zijn Cis en zijn jeugd.
In die serre, buiten, met dat prachtig uitzicht.

Toen ik wegging zwaaide hij me na.
Ik draaide me om en zwaaide en riep dat ik het gezellig vond en tot gauw!
Een paar stappen verder keek ik om en hij zwaaide nog!
Spontaan blies ik een kushand.
Hij blies er één terug.
26 December heeft betekenis gekregen.
Mijn leven heeft meer betekenis gekregen.
Ik heb er een vriend bij.
Een vriend waar je U tegen zegt!
Maar dat mag ik niet van hem.


p.s. Goed nieuws!
Vandaag vernam ik dat de eieren van de zwaan zijn uitgekomen!
Ik ga het moeder zwaan vertellen!




















donderdag 10 mei 2012

Wreed


Rouw

Weet je?
Elk jaar komt het zwanenechtpaar een nestje maken in onze Tuindorpvijver.
Vorig jaar heeft Marco een geweldige fotoreportage gemaakt van kroost en ouders.
Soms met pijn in de buik als ze een weg overstaken.
Vader voorop, vijf kuikens en dan, al zwaaiend met haar hals, moeder.
We namen ons onmiddellijk voor,  weer een reportage te maken.
We spotten zes fikse, blauw witte eieren in een prachtig nest.
Aan de waterkant, tussen het riet.
Zodra je in de buurt kwam, schoot vader als een raket op je af.
Moeder bleef onverstoorbaar op haar nest.
Ik moet dan altijd denken aan die waarschuwing in mijn jeugd.
Dat een zwaan je een gebroken arm kan slaan met zijn vleugels.
Maar ik wacht dat nooit af.
Ik stap op tijd terug.
Opeens was vader niet meer.
Doodgereden, want vader werd aan de overkant gevoerd.
Tijdens zijn tocht naar een makkelijke hap,  is vader geschept door een auto.
Addergebroed!
Moeder was in diepe rouw.
De hele buurt leed met haar mee en probeerde te zorgen.
Liefst geen brood om het teveel aan zout.
Maar kippenvoer en nat groen.
Ze bleef trouw broeden op haar nest.
Ze maakte haar veren weer schoon.
Maar ik heb haar nooit zien eten.
Toen er hoop was voor haar nog geschaalde kroost,
kwam de wanhoop om de hoek.
Een ander zwanenpaar verjoeg moeder van haar nest.
Dat ze begon te trillen en uiteindelijk wegvloog, roerde me tot tranen.
Zes eieren lagen doodstil te wachten.
Het zwanenechtpaar wilde er ook geen eer meer halen.
De volgende morgen was het nest leeg.
Een paar uur later zag ik moeder plukkend met haar snavel op het lege nest.
Waar waren haar eieren?
De krant beschreef een langzame dood in een koelkast.
Maar de vogelbescherming heeft de eieren in een broedkast gebracht.
Nu maar afwachten.
En dan?
Als je langs de weilanden gaat,
zie je overal zwanenparen.
Soms een enkeling.
Zou daar moeder zwaan tussen rouwen?
Wat is haar besef van het noodlot in haar instinct?
Ik hoop dat als haar broedsel uitkomt,
ze op een of andere manier terugkomt,
dat ze haar kinderen herkent.
En dat ze ze komt halen om ze groot te brengen.
Want zó'n rol,
is voor ons mensen eigenlijk alleen voor eigen gebroed weggelegd.



zaterdag 5 mei 2012

Zussen

Wat een feest!


Mijn vierde zus Ada wordt in mei 50 jaar.
Ik ben de vijfde,
dus nog een jonkie.
En dat betekent dat mijn zesde zus,
een nakomertje,
mag zeggen dat ze nog piepjong is.
Maar mijn oudste zus Nelien
is zeker geen oude taart.
Zij is zelfs een tweede leven begonnen,
Zij geniet het leven na haar borstkanker.
Zij is mijn voorbeeld,
Weet je nog? I can do it!
Ada is de mooiste van het stel.
Onze beauty.
Maar nog mooier is,
ze is onze grote hulp.
Onze psychische hulp in nood.
Ook voor vele anderen.
Maar daar wordt ze dik voor betaald.
De familie wordt rijk door háár.
Ada herkent veel van ons in haarzelf.
Ze heeft daar een mooie tekstregel op gevonden.
Maar die bewaar ik voor het eind.
Ik herinner me dat we aan de grote tafel zaten.
Mijn vader aan het hoofd, de wolf, en zijn zeven geitjes.
Wat waren we toen een stel pestkoppen!
Vooral om het uiterlijk kon je scoren!
De een om de ogen,
de ander om de neus,
een scheve tand,
of moedervlekjes.
We sloegen een kruisje op het gezicht,
en deden de stand van de donkere vlekjes,
als het In de naam van de Vader
op het gelaat van een van ons, na.
Die vlekjes zitten er al lang niet meer.
Net zoals de hangende oogleden,
die bij sommigen van ons gecorrigeerd 'moesten' worden.
Zelfs bij mijn allerliefste moeder.
(Het zevende geitje, die de pestkoppen weer suste.)
Je ziet er daardoor inderdaad jonger en vitaler uit,
moet ik eerlijk bekennen.
Ik heb al een hengeltje uitgegooid
naar mijn plastische chirurg.
Neus-, ooglid- en buikwandcorrectie,
(Als een 3 in 1 pakket bij Ziggo.
Mijn borstreconstructie is dan het modem.)
Maar niet alleen allerlei uiterlijke kenmerken
zijn heel herkenbaar in ons terug te vinden.
Ook innerlijke.
Ik weet zeker dat wij zussen,
trots zijn op onze mooie eigenschappen,
en andere karakteristieke genen
liever niet willen herkennen.
Vroeger pestten we elkaar om de verschillen.
Maar Ada trekt het nu gelijk
in de eerste regels van 'Sisters Sledge':
' We are family, I've got all my sisters in me!'
Dus ik heb ze ook allemaal in me.
En ik troost me,
het minder fraaie valt te 'corrigeren',
zowel  innerlijk als uiterlijk,
mocht je die hulp nodig willen hebben.
Wij hebben Ada,
en evt. een plastische chirurg.
En zet ze nu eens met me op een rijtje.
Mijn oudste is mijn voorbeeld.
Mijn tweede weet het beter.
Mijn derde is een held.
Mijn vierde is een redder.
En mijn jongste zus is een atlete.
Zij heeft de 10 km gelopen.
'k Ben benieuwd of wij dat nog in onze genen verborgen hebben.
Ik denk het eerlijk gezegd niet.
Hopen mag altijd.
En als we er last van hebben
dan bellen we Ada.